Een echte klassieker: het luisterspel

Geschreven door Marleen Bergen.

luisterspel acteurs Het allereerste luisterspel wordt in 1931 door het NIR uitgezonden. ‘De terechtstelling’ is een vertaling uit het

Duits, zo lezen we in Het Laatste Nieuws van 25/10/1931.

 

De uitzending gaat overigens helemaal live! Uiteraard hebben de technici, de acteurs en de regisseur alles vooraf goed ingeoefend.

 

‘De luisterspelers werken voor den mikrofoon met den tekst voor zich. Grammofoon en geruchtmakend tuig worden aangesproken… De zes toneelen worden door paukenslagen gescheiden’.

 

 

  

De eerste ‘hoorspelen’ zijn Engelse of Duitse vertalingen of bewerkingen van bekende toneelstukken. En zo klinken ze ook: als toneel zonder beeld. De directeur van de gesproken uitzendingen Gust De Muynck en later Raymond Brulez voeren meestal de regie. Zij kiezen de teksten en sturen de technici en de acteurs aan. Studio 10 op Flagey wordt als luisterspelstudio ingericht met akoestische wanden, een galmvrij hokje, grint- en zandbakken en losstaande deuren met grendels en sloten. Bij de BBC wordt een reeks 78-toeren geluidsplaten gekocht. En Robert Bernaerd specialiseert zich in het nabootsen van geluiden en speciale effecten, de ‘bruitage’.

 

 luisterspel bruitage

 

Pas in de jaren ’50 wordt het luisterspel echt populair. Het NIR organiseert wedstrijden om een eigen Vlaams repertoire op te bouwen. Stemmen en geluiden worden nu vaak apart opgenomen en later afgemonteerd.

 

 

De geluidsregisseur kiest de speciale effecten en de muziek voor het klankdecor. Dries Poppe wordt in 1963 de eerste dramaturg. Hij opteert resoluut voor een nieuwe inhoudelijke en vormelijke aanpak. Hij selecteert de beste teksten uit het internationaal aanbod en begeleidt de auteurs, de vertalers en de regisseurs. Het luisterspel wordt onder zijn leiding een specifiek ‘radioformat’.

 

 

 

Door de televisie boet het klassieke hoorspel aan populariteit in. Vanaf de jaren ’70 ontstaan nieuwe vormen: de klankcollage, het docudrama, het mini-luisterspel en het radiofeuilleton. En in de huidige radiospotjes herken je vaak nog technieken en effecten die uit de luisterspelen stammen.