Zendstation Waver-Overijse : van high-tech naar industriële archeologie

Geschreven door Etienne Deventer.

Koningin Boudewijn opende in 1952 het zendstation Waver-Overijse van het NIR, een van de voorgangers van de huidige VRT en RTBF.

mast1g

plaketredHet zendstation was ontworpen voor de nationale en internationale radio-uitzendingen van de openbare omroep. Het zendsysteem toen was amplitude modulatie (AM). De huidige FM was in die tijd nog heel experimenteel en er waren nagenoeg geen FM-ontvangers.

3 Zender Waver inhuldiging koning

Op de foto rechts wordt koning Boudewijn bij de inhuldiging verwelkomd door minister Seghers in stadskledij, administrateur-directeur Jan Boon en ondervoorzitter RvB Julien Kuypers. Beide laatsten zijn gekleed in jaquet en hoge hoed, de koning in legeruniform met sabel. Een perzisch tapijt op de vloer doet de rest.

Waver-Overijse verving het oude zendstation van Veltem. Dat laatste was in de jaren 20 opgericht door een commerciële radio en ging in 1930 over naar het NIR. Het NIR omvatte zowel de Nederlandstalige als de Franstalige uitzendingen, de installaties in het nieuwe zendstation waren daar dan ook op voorzien.

gebouwred

De nationale radio’s werden uitgezonden in de middengolfband op 926 kHz en 620 kHz. In die periode was het eerder gangbaar om de golflengte aan te geven : die waren 324 m en 484 m. Op het gigantische terrein werden 3 masten opgericht : een mast van 165 m, een van 225 m en een reservemast van 90 m. Die masten met tuien (spankabels) stonden op een grote isolator en hadden ook een groot aantal isolatoren in die tuien. De zenders leverden een  vermogen af van 100 kW, wat in die periode vrij hoog was. De combinatie van de plaats (in het midden van België), de hoge (en dus efficiënte) zendmasten en de vermogens zorgden voor een degelijke ontvangst quasi overal in België.

In 1953 waren er nog veel Belgen in Afrika en andere delen van de wereld. Om een band met hen te onderhouden werd in Waver-Overijse uitgezonden in korte golf. De zenders hadden een vermogen van 100 kW. Typisch aan korte golf is dat men de frequentie (of golflengte) moet bepalen in functie van het gebied dat men wil bereiken, het moment van de dag en andere parameters (waarbij de zonneactiviteit heel belangrijk is).

In tegenstelling tot de middengolfantenne die mooi in het rond straalt, zijn de antennes in korte golf bijna altijd gericht naar een bepaald gebied. Niet verwonderlijk was dat de antennes in de richting van Centraal-Afrika de beste en het talrijkste waren : gordijnantennes (een ingewikkeld dradenweb opgespannen aan zelfdragende masten (tot 90 m hoog)- achteraan rechts op de foto van de makette. Voor de andere gebieden (Noord en Zuidamerika, Azië) werden goedkopere ruitantennes gebouwd die minder efficiënt waren - vooraan links op de makette.

grotemakettedrie

 

 

 

 

 

 

 

De zendapparatuur werd ondergebracht in een imposant gebouw met een ingang alsof het een schouwburg was en met heel veel marmer. Ook de aanvoer van elektrische energie was groots gezien en dieselgroepen moesten elke onderbreking opvangen.

zenderzaal 2rednoodaggregaatred

De ontwerpers van het zendstation hadden wellicht niet verwacht dat er al in 1958 een belangrijke uitbreiding zou komen. In het Expojaar werd televisie volwassen en was er nood aan hoge masten om die (zwart-wit) tv uit te zenden. De mast van 225 m werd grondig aangepast om er ook tv uit te zenden. Aan de voet van die mast werd een (heel bescheiden) gebouw opgericht voor de zendapparatuur.

In 1970 kwam dan de kleurentelevisie en de nood aan nog meer en hogere zendmasten. De BRT besliste toen om voor Radio 1 op de middengolf een nieuw zendstation te bouwen in Wolvertem. De 165 m mast werd vakkundig gedemonteerd in Waver en heropgebouwd in Wolvertem. Voor de tv (zowel van BRT als RTB) werd een nieuwe mast gebouwd van 315 m hoog. Die mast met tuien (spankabels) was met kleine aanpassingen ook bruikbaar voor middengolf en vanaf 1978 werd Radio 2 in de middengolf uitgezonden op 540 kHz. De bedoeling was om ontvangst in Wallonië te verzekeren.

Ondertussen waren er ook uitbreidingen in de kortegolfuitzendingen : 2 extra zenders en nieuwe antennes brachten, vooral voor Centraal-Afrika, een betere bediening.

In 1983 sloeg het noodlot toe : een dag na een hevige storm stortte de 315 m hoge mast neer. Vermoedelijk een ontwerpfout : er was te weinig rekening gehouden met de trillingen die veroorzaakt werden door windstoten. (Bron : Youtube)

  Mast stort neer

De heropbouw was niet evident. Na heel wat studies van BRT en RTB en onderhandelen met de luchtvaartdiensten en met ruimtelijke ordening werd door RTB in Waver een nieuwe zelfdragende mast van 240 m opgericht voor FM en TV. De BRT concentreerde zijn FM en TV-uitzendingen in het nieuwe Sint-Pieters-Leeuw. Voor Radio 2 in de middengolf werd de originele mast van 225 m grondig verbouwd waardoor de middengolf  van RTBF en van VRT gelijktijdig konden uitgezonden worden.

Maar de technologische ontwikkeling ging razendsnel en voor het bereiken van Vlamingen in Afrika is internet nu een veel betere oplossing. De verouderde kortegolf zenders in Waver werden niet meer vervangen en afgeschakeld. Ook het nut van de middengolf zender met een zeer hoog elektrisch verbruik werd marginaal en ook die werd buiten dienst gezet. Alleen RTBF is nog actief in het zendstation Waver-Overijse met een middengolfzender, FM-zenders, digitale radio (DAB) en digitale tv (DVB-T).

Wat in 1952 high-tech was, is nu (amper 60 jaar later) industriële archeologie geworden.